Positief Bezig op School

PBS

Op Het Rijks vmbo campus willen we leerlingen zo goed mogelijk laten leren. Een veilige en prettige leeromgeving levert daaraan een positieve bijdrage, zo blijkt uit onderzoek. Daarom doen wij er zoveel mogelijk aan om een optimale leeromgeving te creëren. Een hulpmiddel hierbij is het werken volgens de principes van SWPBS: School Wide Positive Behavior Support. Wij gebruiken Positief Bezig op School (PBS) om de inhoud duidelijker te maken voor onze leerlingen.  Dit houdt in dat we gewenst gedrag aanleren en positief gedrag stimuleren. We doen dat op een systematische manier over de hele breedte van de school.

 

Waarom PBS?

In Amerika is bewezen dat PBS een positief effect heeft op het schoolklimaat. In de paar jaar dat wij ermee werken, hebben wij ook gemerkt dat dit inderdaad zo is. Als voorbeeld noemen we onze tweejaarlijkse enquête, waaruit blijkt dat leerlingen zich veiliger voelen op school en als tweede  voorbeeld onze slagingspercentages, die de laatste jaren zijn gestegen.

Werken volgens het PBS-model is voor iedereen te leren. Het vraagt om een andere benadering van leerlingen;  juist positief gedrag stimuleren en belonen, in plaats van straffen en nadruk leggen op negatief gedrag. Docenten geven vanuit die houding ook steeds het goede voorbeeld en leerlingen worden uitgenodigd tot positief gedrag.

De theorie is goed toe te passen in praktijk en levert snel meetbaar resultaat. Als basis hebben wij binnen onze school met elkaar een aantal aandachtspunten gekozen, onze ‘waarden’, die wij erg belangrijk vinden.

Deze waarden hebben wij vertaald naar wat verwachten we van elkaar (gedragsverwachtingen) en hoe gaan we met elkaar om (sociale vaardigheden).

 

Vijf belangrijke kenmerken van PBS

Schoolbrede aanpak: sociale vaardigheden en sociaal gedrag worden aangeleerd vanuit schoolbreed gedragen waarden. De waarden worden concreet vertaald naar gedragskenmerken en sociale vaardigheden, die onder meer in mentorlessen worden aangeleerd. Daarnaast worden leerlingen gestimuleerd  en geholpen om in alle mogelijke situaties, zoals in pauzes, projectwerk, uitstapjes en studiereizen, zich het gewenste gedrag verder eigen te maken.

Preventie: gedrag wordt op een positieve wijze aangeleerd, waardoor in veel gevallen probleemgedrag voorkomen wordt. De leerlingen worden gestimuleerd, gemotiveerd, aangesproken op positieve zaken, zodat negatief gedrag weinig tot geen kans krijgt te ontkiemen.

Positieve bekrachtiging: er wordt benoemd wat er goed gaat, zodat op school continu gewerkt wordt aan het creëren van een positief klimaat. Een positief en warm schoolklimaat, een uitdagende, betekenisvolle leeromgeving en goed klassenmanagement zijn belangrijke elementen in het PBS-model.

Data gestuurd: regelmatig worden metingen uitgevoerd en op basis daarvan worden benodigde interventies verricht. M.a.w. er wordt gericht actie ondernomen om gewenste verbeteringen tot stand te brengen en er wordt bijgestuurd indien nodig. Na elke actie wordt het resultaat gemeten, om na te gaan of het gewenste effect bereikt is.

Samenwerking met ouders en (eventueel) externe partners: er wordt met ons meegedacht over hoe we het klimaat op school positief kunnen beïnvloeden. Door te overleggen met ouders en externe partijen zorgen we ervoor dat we “wakker” blijven en dat we ons richten op zaken die niet alleen wij, op school, belangrijk vinden, maar die breed gedragen worden.

 

Het PBS team

Om ervoor te zorgen dat alle geledingen van de school bij het proces betrokken zijn is er een PBS-team. Hierin zitten vertegenwoordigers van medewerkers, leerlingen en ouders. Het PBS-team verzamelt data, inventariseert aandachtspunten waar we als school aan willen werken, meet resultaten, evalueert de effectiviteit van acties en zet de lijnen uit die we elk schooljaar willen volgen.